Vrienden voor het leven

Vlak na mijn zestiende verjaardag zat ik samen met mijn vader en moeder aan de eettafel. We waren net klaar met eten en ik wilde mijzelf excuseren om naar boven te gaan toen mijn vader vroeg hoe het op mijn werk was geweest. Een paar maanden eerder had ik een baantje gekregen bij de lokale groenteboer. Hij heet Hans en kweekt tomaten een paar kilometer van mijn ouderlijk huis. Hans had me na mijn sollicitatie direct aangenomen omdat hij wat van zichzelf in mij zag. Met andere woorden, hij vertrouwde me. Vanaf dat moment had ik vrijwel elke dag van de zomervakantie voor Hans gewerkt en ‘s avonds thuis gekomen om samen met mijn ouders van het avondeten te genieten. Deze avond bespeurde mijn vader echter ongein en diep vanbinnen wist ik wat er aan de hand was.

Nieuwe werknemers

In de ochtend was ik, net zoals elke dag daarvoor, naar de tomatenkwekerij van Hans toe gefietst. Het werk was hetzelfde als iedere andere dag voor de afgelopen twee maanden, op een ding na. Hans had twee nieuwe jongens aangenomen. De jongens kwamen vandaag voor het eerst werken en ze heette Harm en Naut. Het duo kende elkaar al vanaf de peuterspeelzaal en gingen vaak met elkaar om. Hellaas waren de activiteiten waarmee ze zich bekommerden alles behalve positief. Harm en Naut halen over het algemeen veel kattenkwaad uit in de wijk naast die van mij. Toch leken ze bereid nu het roer om te gooien, ze hadden immers een baantje gekregen. Ik stelde me voor en we begonnen met z’n drieën de tomaten te oogsten die die dag op het schema stonden.

De vorkheftruck

Aan het einde van de dag stootte Harm Naut en mij aan en wees met zijn wijsvinger naar de vorkheftruck van Hans die op het lege erf stond. De truck werd gebruikt om kisten tomaten op te tillen, maar was nu verlaten. Zonder verder iets te zeggen rende de twee ernaartoe om hem te starten. Binnen twee tellen was het ze gelukt en scheurde ze over het erf van Hans. Met grote ogen stond ik naar het banden piepende voertuig te kijken, alsmaar jaloerser te worden. Nog geen tel later klom ik er ook op en vrolijk reden we met z’n drieën over het asfalt. Na de rit voelde ik me licht schuldig tegenover Hans, ook al had hij ons niet gezien. De volgende dag op werk stond Hans voor ons met een fronsende blik. Hij zei niks, maar naar een paar tellen knikte hij naar een pallet gevuld met tomaten kisten en de lege vrachtwagen die ernaast stond. Normaliter tilde de vorkheftruck de kisten de vrachtwagen in, nu liet Hans ons al het zware werk toen met drie steekwagens. Het duurde ons wel de hele middag. Desondanks heb ik het nooit aan mijn vader laten weten, het is en blijft voor altijd een geheim tussen Harm, Hans, Naut en mij.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *